
Na springtij minder zichtbare olieschade, maar zorgen blijven groot
Algemeen 114 keer gelezenZeeland - De gevreesde gevolgen van het springtij van afgelopen weekend zijn grotendeels uitgebleven. Natuurorganisaties hielden er rekening mee dat grote hoeveelheden stookolie zouden aanspoelen in kwetsbare natuurgebieden langs de Westerschelde, maar na eerste inspecties blijkt dat dit scenario zich niet heeft voltrokken.
Volgens natuurorganisatie Het Zeeuwse Landschap zijn na het springtij in onder meer de Hedwigepolder en het Verdronken Land van Saeftinghe slechts op enkele plekken kleine hoeveelheden olie aangetroffen. Op sommige locaties waar eerder nog vervuiling zichtbaar was, werd nu zelfs helemaal geen olie meer aangetroffen.
Voorzichtig positief beeld
De eerste indruk na het springtij stemt dus voorzichtig positief. Grote klonten olie zijn niet terechtgekomen in belangrijke foerageergebieden van vogels en ook is er geen grootschalige vervuiling van planten vastgesteld. Wel zijn incidenteel licht besmeurde vogels gezien, zoals bergeenden en scholeksters. Die leken zich nog normaal te gedragen, al wordt gevreesd dat niet alle dieren het zullen overleven.
Toch betekent het uitblijven van zichtbare schade niet dat het gevaar is geweken. Volgens betrokkenen is een deel van de olie vermoedelijk verder de zee in gedreven of onder het oppervlak verdwenen. Juist dat baart zorgen.
Onzichtbare vervuiling
Deskundigen waarschuwen dat de vervuiling zich inmiddels deels in het ecosysteem heeft genesteld. Olie kan zich mengen met water en sediment en zo onder het oppervlak verdwijnen. Dat maakt de schade minder zichtbaar, maar niet minder ingrijpend. De precieze impact is daarom nog onduidelijk. Analyses moeten uitwijzen hoe de olie is samengesteld en hoe lang natuurlijke afbraak zal duren. Intussen blijven natuurbeheerders de situatie nauwlettend volgen.
Opruimen blijft lastig
De vervuiling is ontstaan na een olielek in de haven van Antwerpen in de nacht van 9 op 10 april. Sindsdien zijn op meerdere plekken langs de Westerschelde oliesporen aangetroffen, zowel aan de zuid- als noordzijde. Opruimwerkzaamheden leveren vooralsnog weinig op. Vrijwilligers en medewerkers treffen vooral kleine restanten en dunne lagen olie aan, die moeilijk te verwijderen zijn zonder schade aan de kwetsbare natuur te veroorzaken.
De komende dagen volgen nieuwe inspecties, waarbij onder meer wordt gekeken of ook hoger gelegen vegetatie met olie is vervuild. Ondanks het meevallende beeld na het springtij blijft de situatie daarmee onzeker.




















